Toon incl. BTWToon excl. BTW

Veelgestelde Vragen Ultimaker

/Veelgestelde Vragen Ultimaker
Veelgestelde Vragen Ultimaker
Verwijderen van 3D-Print

Wanneer uw 3D-print klaar is moet deze van de buildplate gehaald worden. Er zijn verschillende manieren om dit te doen:

– Laat de print afkoelen. In de meeste gevallen is dit al voldoende om de print van de buildplate af te krijgen. Bij PLA zou dit zeker het geval moeten zijn.

– Als de print toch niet zo makkelijk van de buildplate afkomt, kunt u een spatel gebruiken om iets meer kracht te zetten. Het is moeilijk om de glasplaat te beschadigen, maar pas wel op met de zijkanten van de spatel. Deze kunnen krassen op de glasplaat veroorzaken.

3D-print hechting

Om een succesvolle print te krijgen is het essentieel dat de print goed aan het heatbed blijft plakken. Je kunt hier het grootste deel voor zorgen door het bed goed te levellen, maar ook door het bed naar de correcte temperatuur te verwarmen. Kijk hierbij goed wat voor bed-temperaturen de fabrikant aanraadt. Het filament blijft namelijk veel beter plakken wanneer het een klein beetje “vloeibaar” is.

Bepaalde filamenten hebben heel erg de neiging om van het bed los te willen trekken. Denk hierbij aan ABS en Nylon. Om bij deze filamenten toch goede hechting te genereren kunt u een bed adhesive gebruiken.

Magigoo

Magigoo is een stick met een applicator, waarmee een vloeibaar hechtingsmiddel op het printbed gesmeerd kan worden. Het is er in meerdere varianten, specifiek samengesteld voor het materiaal, waarmee u wilt printen.

3D-Lac

Dit is de meest gebruikte spraylak variant om betere hechting creëren. Hiervoor moet er een kleine laag lak op de buildplate aangebracht worden.

3D-Lac Temperatuur

Wanneer u een filament gebruikt waarbij de buildplate warmer moet worden dan 70 graden, is het aan te raden om eerst te wachten tot het bed op temperatuur is voordat u de spray aanbrengt. De laag 3D-lac heeft namelijk de neiging om te “barsten”(cracking), wanneer deze te veel van temperatuur veranderd waardoor dit minder goed werkt.

Na het aanbrengen van de 3D-lac is de deze nog 3 tot 5 keer te gebruiken, maar als u liever op een schone buildplate wil printen, is de lak er na het printen makkelijk af te krijgen met gewone glasreiniger.

Maar zelfs bij standaard PLA kan het in bepaalde situaties handig zijn om behalve het heatbed ook nog wat 3D-lac te gebruiken. Bijvoorbeeld wanneer er bij een hoge print weinig contactoppervlak is met het buildplate.

Pas wel goed op dat u niet te veel 3D-lac aanbrengt. De print blijft er dan veel te hard aan plakken waardoor het erg moeilijk wordt om deze onbeschadigd van de buildplate af te krijgen.

  • PEI sheet Prusa MK3 / MK3S

    8.22 excl. BTW
    In winkelmand Details
  • 3D Lac hechtspray 400ml

    9.88 excl. BTW
    In winkelmand Details
  • Magigoo Original

    Vanaf 15.00 excl. BTW
    Opties selecteren Details
  • 3M Scotch tape

    16.49 excl. BTW
    In winkelmand Details
  • Magigoo Pro PC

    20.00 excl. BTW
    In winkelmand Details
  • Magigoo Pro PA (nylon)

    20.00 excl. BTW
    In winkelmand Details
  • Magigoo Pro Flex / TPU

    20.00 excl. BTW
    In winkelmand Details
  • Magigoo Pro PP

    20.00 excl. BTW
    In winkelmand Details
  • Ultimaker adhesion sheets (#2197)

    20.25 excl. BTW
    In winkelmand Details
  • Ultimaker adhesion sheets S5 (#210702)

    29.96 excl. BTW
    In winkelmand Details
  • Magigoo Pro HT

    40.00 excl. BTW
    In winkelmand Details
Hoe wissel ik het filament?

De Ultimaker heeft een handige functie voor het wisselen van het filament.

Het filament er uithalen

Ga hiervoor naar “Material” – “Change.” De printkop wordt dan automatisch opgewarmd om het filament uit de printkop te krijgen. Wanneer het filament niet vloeibaar is, kan het niet uit de printkop verwijderd worden zonder kans op schade, of het filament kan breken.

Zodra de printkop is opgewarmd gaat de Ultimaker het filament automatisch eruit halen. Wanneer het filament er helemaal uit is kunt u dit er met de hand uit halen.

Zorg dat er geen restjes filament in de Bowden-tube blijven zitten. Deze kunnen ervoor zorgen dat de extruder het filament er niet meer goed doorheen kan duwen, waardoor uw prints kunnen mislukken. Via deze LINK kunt u zien hoe u deze eruit kunt halen.

Het filament laden

Als u de “Material” – “Change” functie heeft gebruikt om het filament eruit te halen kunt u bij de vraag “Filament removed” op “Confirm” drukken. Het tandwiel begint dan langzaam te draaien. Als u het filament daarna in de feeder duwt grijpt het tandwiel dit filament automatisch. Wanneer het filament aangetrokken wordt kunt u op “continue” drukken. Het filament wordt dan automatisch geladen. Wanneer het filament dezelfde kleur heeft als het filament dat u net heeft geladen, kunt u weer op continue drukken.

Hoe vervang ik de print nozzle?

Nozzle vervangen

Als de standaard 0.4 nozzle die op de Ultimaker zit niet snel of precies genoeg kan printen, kunt u een andere nozzle op de printer zetten.

Om de nozzle te vervangen moet de hot end-block verwarmd zijn tot ongeveer 210 graden. Ga naar “Maintenance” – “Nozzle temperature” en blijf aan het wiel draaien totdat de temperatuur op ongeveer 210 graden is.

U kunt de nozzle er daarna met een dopsleuteltje eruit draaien. Pas op dat u niet te veel kracht zet.

Wanneer de nozzle uit de hot end is kunt u de andere nozzle erin draaien. Deze moet met de hand erin gedraaid worden. Als u te veel kracht zet door bijvoorbeeld een steeksleutel te gebruiken kan u de nozzle of de hot end-block beschadigen.

Wanneer de nozzle erin zit kunt u de hot end weer laten afkoelen.

Hoe level ik de buildplate?

Om een print te laten slagen zonder dat deze omvalt of weg wordt geduwd is het erg belangrijk dat de buidplate correct geleveld is. Bij de Ultimaker 2+ kunt u dit doen door aan de 3 schroeven van het heatbed te draaien.

Het doel is dat de nozzle op een specifieke afstand van het bed staat. Deze afstand verschilt per nozzle diameter. De lijn van een 0.8mm nozzle is namelijk breder dan die van 0.4mm nozzle, wat dan ook weer invloed heeft op de “hoogte” van de lijn. Op de afbeelding hieronder staat een voorbeeld van de juiste hoogte van de eerst laag.

Er zijn een aantal manieren om de buildplate goed te levellen. In de software van de Ultimaker 2+ is een tool ingebouwd waarbij u de hoogte in kunt stellen. Daarna kunt u met de 3 schroeven de buidplate verder levellen.

Hoogte van de buidplate instellen en incorrecte leveling.

Ga naar: “Maintenance” – “Buildplate” en volg de stappen die op het scherm verschijnen.

Manier 1: Kaartje van Ultimaker

Beweeg de nozzle naar een van de hoeken van de buildplate en plaats het Ultimaker-kaartje onder de nozzle. Verstel de buildplate schroeven dan tot er een beetje wrijving is tussen het kaartje en de nozzle. Herhaal dit ook voor de andere hoeken.

Manier 2: Het levellen tijdens het printen van de “Skirt”

Dit is een manier van levellen waarbij u direct de resultaten kunt zien. Zorg dat bij het slicen een “skirt,” een “brim” of een “raft” is geselecteerd en start de print. Het is hierbij wel belangrijk dat de hoogte van de buildplate goed is ingesteld, anders kunt u de buildplate beschadigen.

Blijf aan de 3 schroeven draaien terwijl de printer de “skirt,” de “brim” of de ”raft” aan het printen is totdat de lijn er goed uit ziet.

U hoeft niet veel aan de knoppen te draaien, het is beter om eerst te weinig aan te passen dan te veel.

Onderextrusie / verstopte nozzle

Bij onderextrusie wordt er te weinig filament geëxtrudeerd door de nozzle. Het gevolg hiervan is dat uw object niet goed gevuld wordt, waardoor printlagen er ruw en onvolledig uitzien. Dit kan verschillende oorzaken hebben:

Verstopte nozzle

De nozzle kan door verschillende oorzaken verstopt raken:

  • Vervuild filament
  • Filament aangebrand in de nozzle
  • Stofdeeltjes in de nozzle

In de meeste gevallen is dit probleem op te lossen door een hot pull en een cold pull uit te voeren. Hiermee duwt u het filament er handmatig doorheen om het daarna snel uit de hot end te trekken, met het idee dat het vuil met het filament meekomt.

Hot pull

Haal de Bowden tube uit de printkop door de blauwe houder onder de witte klem uit te halen en daarna kun je de witte klem naar beneden drukken.

Warm de hot end op tot ongeveer 210 graden door naar “Maintenance” en daarna op “Heat up nozzle” te drukken.

Pak een stukje filament (PLA) en duw dit door de hot end zodat het filament geëxtrudeerd wordt. Als u erg veel kracht moet zetten om het filament er doorheen te drukken kunt u de temperatuur verhogen naar 230 tot 240 graden. Als dit ook niet werkt kunt u proberen de obstructie met een schoonmaak naald of boortje weg te halen.

Trek daarna, als u het filament een aantal centimeter heeft kunnen extruderen, het filament snel uit de hot end zodat het vuil mee komt met het filament.

Knip het verontreinigde deel af en herhaal de hot pull totdat u geen verontreiniging meer op het filament ziet.

In de meeste gevallen lost dit het probleem op, maar als u hierna nog steeds last heeft van under extrusion kunt u ook proberen om de cold pull uit te voeren.

Cold Pull

De cold pull is bijna hetzelfde als de hot pull. Bij de cold pull moet de hot end afgekoeld worden naar 100 graden voordat het filament eruit getrokken wordt. Hierdoor stolt het filament een beetje en neemt dit wat hardnekkigere vervuilingen mee.

Bowden-tube verstopt

Soms blijven er wat stukjes filament in de Bowden-tube hangen. Dit kan komen doordat de feeder een tijd heeft gegrind (het filament weg slijten) en is er allemaal gruis in de Bowden-tube terecht gekomen. Een andere oorzaak kan zijn dat het filament nog erg vloeibaar was toen het uit de printer werd gehaald waardoor er wat kleine gestolde filament stukjes in de Bowden-tube bleven zitten.

Beide oorzaken zorgen ervoor dat het filament niet meer makkelijk door de Bowden-tube geduwd kan worden.

U kunt dit vrij gemakkelijk oplossen door de Bowden-tube aan de feederkant en de printkop-kant los te maken en er even met wat compressed air te spuiten.

Als dit het niet op lost kunt u ook een nieuwe Bowden-tube aanschaffen.

Verontreinigende Feeder

Na een tijdje kunnen er stofdeeltjes of aangebrand filament gaan ophopen in de feeder. Bijvoorbeeld als de feeder een tijdje heeft gegrind, omdat het filament niet door de nozzle wil gaan. Vanwege het stof heeft het tandwiel dan minder grip op het filament en kan deze het filament dus minder goed aanvoeren.

Dit is op te lossen door de casing van de feeder open te maken en deze met wat compressed air schoon te spuiten.

Haal hiervoor eerst de feeder van de printer af (zo kunt u het tandwiel dat de feeder aanstuurt ook schoonmaken) door de 2 boutjes aan de onder- en bovenkant van de feeder los te maken.

Daarna kunt u de feeder openmaken door de voorkant er af te halen (u moet hier 4 boutjes voor losmaken) en de onderdelen schoonspuiten.

Wanneer u geen stof of filament deeltjes meer kunt zien kunt u de feeder weer in elkaar zetten en terug monteren op de printer.

Do NOT follow this link or you will be banned from the site!

cart_shift_nav

De waardering van meer3d.nl bij Webwinkel Keurmerk Klantbeoordelingen is 9.4/10 gebaseerd op 56 reviews.